Wat ruik je lekker! Neuken?

Afgelopen week had ik een reünie van de basisschool. Dat zou betekenen dat ik Fleur weer zou zien. Ik voel me nooit op mijn gemak als ik in dezelfde ruimte sta als deze Leerdamse schone. Ik sla zelfs dicht. Ik voel me in haar buurt net zoals die keer toen ik na het bijwonen van een uitzending van ‘De Wereld Draait Door’ aan de bar stond. “Hej, jij hebt vast wel een sigaretje voor me.” Toen ik me omdraaide bleek het Katja Schuurman te zijn. Ze keek net zoals in de playboy die bij ons op het toilet ligt! Dat laatste kon ook te maken hebben met het feit dat ik niet helemaal nuchter meer was, maar ik wist in ieder geval niet veel meer uit te kramen dan: “Nou…..nou, nou.” Bij Fleur heb ik dat ook, maar dan niet alleen omdat zij een incarnatie van Aphrodite herself is. Een genante situatie is er meer debet aan dat het schaamrood me op de kaken staat als ik in haar buurt ben.

Het moet inmiddels een kleine tien jaar geleden zijn. De vierwekelijkse disco in een dorpje dat Schoonrewoerd heet. Ik en mijn vrienden stonden lekker uit ons dak te gaan op Scoop met ‘Drop it’ in deze tot disco omgebouwde gymzaal toen Fleur bij ons kwam staan. Ik ben tegenwoordig niet snel verliefd, maar toen was een enkele blik al genoeg om mijn hormonen op tilt te doen laten slaan. “Wat ruik je lekker,”zei ze. Ik moest blozen. “Wil je soms neuken?” De slok ‘kleine feigling’ kwam bijna via mijn neus naar buiten. Toen ik mijn slijmvliezen weer onder controle had bekroop mij een gevoel van ultieme blijdschap. “Ja dat is goed, maar ik zal eerst wat te drinken halen”, antwoordde ik zoals alleen een oversekste puber dat kan. En dat zonder te stotteren! Aangekomen bij de bar vroeg ik één van mijn vrienden om raad. Zijn bijnaam was immers niet voor niets Dokter Popper.

Zoals Dokter Popper mij adviseerde, gaf ik Fleur een glas rode wijn. “Dankjewel, maar gaan we nu eindelijk een peuk roken?” “Ja, dat kan toch daarna,” was mijn antwoord. “Waarna?” “Ja, wat je me vroeg, je weet wel, het begint met de ‘n’ en het eindigt op ‘euken.’ “Nee eikel, het begint met de ‘p’ en het eindigt op ‘euken.’ Ik vroeg of je soms peuken had, ziek pervers mannetje.” Dankzij Dokter Popper kwam ik er voor het eerst achter wat voor vervelende vlekken rode wijn op kleding kan achterlaten. Een puberale dosis testosteron had mijn trommelvlies vergiftigd en derhalve mijn nieuwe overhemd rijp gemaakt voor een enkeltje Roemenië. Kutzooi! Daar kon zelfs dat klotebeertje van de Robijnreclame niets meer aan veranderen en ‘Vanish oxy action’ bestond toen gelukkig nog niet.

Ik stond op de reünie met een nietszeggend figuur te praten die ik zelfs tijdens mijn basisschoolperiode niet bij naam kende. Hij nipte aan zijn kopje thee. Wat een lul! Hij was dominee geworden in één of ander gereformeerd dorp op de Veluwe. Een anekdote over mijn leven bespaarde ik hem maar. Fleur stond enkele meters van mij vandaan, maar ik durfde haar niet aan te spreken. Vier bier later had ik eindelijk de moed verzameld om op haar af te stappen. Mijn eloquente vermogen nam echter net zo snel af als het aantal kroegen waar niet gerookt mag worden, dus ik moest snel iets zeggen.

“Nou…nou…Fleur, jij hier…zeg heb jij soms peuken,” floepte ik eruit. Ik moet tijdens de pijnlijke stilte die viel net zo dom gekeken hebben als de willekeurige Wildersstemmer in een stemhokje. “Haha, heb je dat overhemd van je nog ooit schoon gekregen?” Dat scheelde, ze kon er nu gelukkig ook om lachen. We hebben zelfs nog enkele sigaretten gerookt. Fleur was overigens net zo burgerlijk geworden als de rest. Het merendeel was vervloekt met een lelijke partner, vervelende kinderen en stinkende huisdieren. Het enige verschil met de andere dames was dat Fleur een echte milf was geworden!

Delen:

Nigella’s kookporno

Je kunt tegenwoordig niet eens meer rustig de televisie aanzetten of je wordt geconfronteerd met een kookprogramma. Op het ene kanaal kookt een groepje van vijf randdebielen voor elkaar en eentje is dan de chef (spannend!…kots!!), terwijl men zich op het andere kanaal laat afzeiken door een Brit die zijn seksuele frustraties uit door twee keer per zin ‘fuck’ te zeggen. Van dat programma van Gordon Ramsay is zelfs een slap aftreksel te bezien op de Nederlandse buis. Waarom is die kale dikke zo vaak op tv? Hij kan ongetwijfeld een goed eitje bakken, maar zijn charisma bevindt zich nog steeds in de ‘Van der Valk keuken’ waar hij zich het gastronomisch vak eigen maakte.  Meer dan een goede appelmoes heeft die keuken nog nooit verlaten.

Waar Ramon Beuk heeft leren koken is mij overigens helemaal een raadsel. Rot op met je mooie producten!  Die vent bederft mijn eetlust. Hij heeft bovendien hetzelfde smerige lachje als het vrouwtje van de chinees tegenover mij. Die lacht ook altijd zo overdreven. Nu kan ik die lach wel aardig plaatsen. Ik zou me ook kapot lachen als ik betaald zou krijgen voor het verkopen van die smerige troep. De laatste keer dat ik bij de chinees op mijn bestelling aan het wachten was, hoorde ik gewoon ‘ping’ uit de keuken komen. Het was niet eens de kok die zijn vrouw iets in het Mandarijn toeblafte, het was de magnetron. Wat die dertien pokken kalenders bij ons op de gang doen, begrijp ik dan ook niet helemaal.

Najah, nu haal ik alleen op zondag chinees.  Dan verkeer ik door het overmatig nuttigen van ‘romantische borreltjes’ tijdens de zaterdagavond meestal in brakke toestand. Met een kater zijn de saté, Babi Pangang en Koe Loe Yuk goed weg te buffelen. Bovendien is mijn toiletbezoek op zondagen toch al hoger dan normaal, dus die ene keer meer maakt niet uit. Steek ik ook nog iets op, want het credo ‘al schijtend leert men’ staat bij mij hoog in het vaandel. Een deel van de boekenkast bevindt zich dan ook op mijn toilet. Misschien doe ik er verstandig aan om daar in het vervolg een kookboek neer te leggen.

Er is maar één kookprogramma dat ik wel kan waarderen. Wat heeft die vrouw een geile kop! Ik zou het ook minder seksistisch kunnen omschrijven. Wat een lieve ogen. Of wat een leuke lach, maar ik heb er geen andere woorden voor. Er is in wezen helemaal niets opwindend aan het woord ‘eggy  noodles’, maar als Nigella Lawson het zegt, dan krijg ik rode oortjes. Om nog maar te zwijgen over hoe zij een ’hoky-poky-cake’ bakt. Of als ze komt met statements over mensen die groene pepers appreciëren boven rode. Heerlijk! Of als ze een beetje loenst en zegt: ‘I am a little bit clumsy’. Daar kan geen kaassoufflé tegenop! Daarnaast loopt ze ook de hele tijd van haar eigen kunstwerkjes te eten. En eerlijkheid gebiedt me te zeggen: dat is ook wel een beetje te zien. Ach, ze kan het hebben. Ik ben verliefd! En dit keer echt!

Delen:

Tussen dronkenschap en kater

De stad ontwaakte. Eigenlijk hadden de vrolijke zonnestralen, die op mijn gezicht schenen me een ‘Hilversum III-gevoel’ moeten bezorgen, maar ik vond het ronduit kut om op dit tijdstip over straat te lopen. Niemand die zijn eigen lied zong. Er stond niemand zingend te metselen op de steiger waar ik langsliep. De meneer op de steiger plantte daarentegen, al dan niet expres, een smerige rochel voor mijn voeten. En bedankt! Mijn melkboerin in de ‘AH 2 go’ floot helemaal niet haar melk een beetje aan, maar trakteerde mij op slaperige ogen, die wel heel weinig levenslust uitstraalden. Ik moet er zelf overigens ook niet bepaald als een levenslustig feestnummer hebben uitgezien, maar ik was dan ook onderweg naar mijn bed.

De melk had mij geen goed gedaan. Ik verkeerde in de schemer tussen dronkenschap en kater, maar het zou niet lang duren of Koning Kater zou Koning Alcohol van zijn troon stoten. Om de ‘man met de gemene septer’ nog even buiten de poorten van mijn paleis te houden, besloot ik een bakje slootwaterkoffie te kopen bij de Kiosk. Ramona, zoals zo fleurig op haar naamkaartje stond, lachte me vreemd toe en vroeg of ik er een gevulde koek bij wilde. Ramona. Meer een naam voor iemand die werkzaam is in een tietenbar dan in de koffie- en broodjesindustrie. Zo wulps als haar naam doet vermoeden, was ze overigens geenszins. Wat een chagrijnig gedrocht! Ik antwoordde haar vriendelijk dat ik vandaag een balansdag had en rekende mijn koffie af. Terwijl ik richting het bankje liep dat zo ver mogelijk verwijderd was van de slaperige wachtende meute hoorde ik Ramona gniffelen. Het was alsof ze me aan het uitlachen was.

De slaperige wachtende ogen die ik passeerde leken een collectief ochtendhumeur te hebben. Waarschijnlijk waren ze onderweg naar iets vele malen saaier, dan de dromen die ze gedurende de nacht hadden kunnen aanschouwen. Met enige tegenzin rookte ik mijn laatste sigaret. Gelukkig kwam toen ik op de helft van mijn zoveelste kankerstaafje van dit etmaal was, de trein aangereden. Ik stapte in de voorste coupé. Wanneer je je in het schemergebied tussen dronkenschap en kater bevindt, zit je niet te wachten op veel mensen in je omgeving. Helaas werd ik door maarliefst drie stoïcijnen op weg naar werk of studie vergezeld. Uiteraard usurpeerde net toen de trein ging rijden Koning Kater de troon van mijn paleis. Koning Alcohol barstte hierop in tranen uit, getuigende de zweetdruppels die zich op mijn voorhoofd vormden. Kutzooi!

Ik voelde dat ik gek werd aangekeken door het te grote C&A-pak dat tegenover me zat. Net als bij Ramona voelde ik dat ik werd uitgelachen. Ik besloot er niet op te reageren, maar naar buiten te turen. Net toen ik aan het wegdommelen was, terwijl de weilanden en koeien voorbijschoten, verstoorde een conducteur mijn samenzijn met het boerenland. Aan de ene kant was dit maar goed ook, want het zou niet de eerste keer zijn dat ik in het pittoreske Roosendaal zou wakker worden. Dat is bijna erger dan wakker worden op een station in Limburg. Zeker omdat ik in Limburg na mijn laatste schrijfsel, waarin ik mij niet zo positief heb uitgelaten over deze aandoenlijke heuvelprovincie, mijn leven niet meer zeker ben. Ook de conducteur kon een vervelende vette grijns op zijn hoofd niet onderdrukken. Wat hadden al deze ochtendmensen toch? Dit was al de derde keer op rij dat ik voelde dat iemand me aan het uitlachen was. De aap kwam enkele uren later uit de spreekwoordelijke mouw, toen ik met mijn slaperige ogen mijn brilletje bekeek. Ik miste mijn rechter brillenglas.

Delen: